Naar BTTR                 Belgische Tentoonstellingsreisduif                                                                                              

 

 

 

Hoe het begon

 

Toen ik op de Kempenshow de Belgische Tentoonstellingsreisduif voor het eerst in levenden lijve zag werd ik direct bevestigd in wat ik wist van dit ras. Zonder overdreven lyrisch te doen zag ik een pure duif zonder opsmuk, geen toeters en bellen, perfect van bouw, elegant en een aansprekende donker oog, dat me fier aankeek, waardoor ik direct was verkocht. Nu waren deze duiven niet van de eerste de beste liefhebber. Het koste de nodige inspanning overspant door geluk, want ik ging met mijn eerste vogels naar huis. Goede contacten nadien hebben mijn stam bepaald en zo kwamen herhaald goede duiven uit Tessenderlo naar Veenendaal.

Na contact met onze voorzitter Jos de Poel schrijft hij in het clubblad van onze SPC een aanzet om de Belgische Schoonheidspostduif weer op de kaart te zetten maar dan gericht op de Belgische standaard.

 

Een uitgebreide mailwisseling ontstond tussen Jos de Poel, Sytze de Bruine, Klaas Nicolaij, Juul Lauwers Twan Raijmakers en mij Cees van Oeveren. Daarna zijn er contacten tussen het SPC bestuur en de secretaris van de NBS standaardcommissie Hans Schipper.

Na een presentatie in de vereniging en bespreking op de rassendag te Leerdam begon de trein te rijden.

Aldus schrijft Cees van Oeveren in het SPC clubblad van oktober 2009.

 

Stand van zaken en ontwikkelpunten

 

Vastgesteld kan worden:

-dat de duiven die er nu zijn opvallen doordat ze echt body hebben met een prima vitaliteit.

-dat het type, bouw, voorkomen en elegantie aanwezig is.

-dat het ook hier opvallend is de soms opmerkelijke verschillen in grootte bij doffers en duivinnen.

-dat aandacht verdient dat de stand horizontaal moet zijn met een aflopende ruglijn.

-dat vleugels goed moeten aanliggen.

-dat de kopvorm nadrukkelijk zo gevormd moet zijn dat de snavel meeloopt in de kopbelijning.

Naar onze mening is de standaardtekening nog voor verbetering vatbaar. Deze tekening zal nog een keer moeten worden gepreciseerd en zal meer moeten kloppen met de beschreven standaardregels.

 

We komen tot de volgende slotsom: dat het niet waar is dat het ras nog in de kinderschoenen staat. Het is een oud ras, maar wij moeten erkennen dat wij nog jong zijn. De duivenwereld is in ieder geval nog jong. Daarom moeten wij opzoek gaan naar een vorming van dit ras dat een goed vertrekpunt heeft en goed te fokken is. De inspanning die geleverd moet worden is dat alle wensen ook vastgehouden kunnen worden. Dan is de fokker weer aanzet.