Naar BTTR                 Belgische Tentoonstellingsreisduif anno 2018                                                                       

Het postduivenland bij uitstek, Belgie zou incompleet zijn wanneer er geen op tentoonstellingswaarde gefokte Schoonheids postduivenras tot hun erfgoed zou behoren.

Hierin zijn onze zuiderburen royaal voorzien, met de verschillende aan postduiven verwante tentoonstellingsrassen zoals de Belgische tentoonstellingsreisduif, de Luikse vliegduif plus de daaraan verwante Luikse Barbet. Mogelijk zijn er ook nog een of meerdere lokale rassen ontstaan, maar ik wil het hier bij laten.

 

De Belgische Tentoonstellingsreisduif is de officiele Belgische benaming, die wij als speciaalclub van onze zuiderburen hebben overgenomen. De Nederlandse naam zou in eerste instantie Belgische Schoonheidspostduif moeten worden, maar daar gingen de Belgen niet mee akkoord, al zou het aardig passen in het rijtje Duitse, Poolse en Nederlandse Schoonheidspostduif. Zij zijn het standaard bepalende land en derhalve ook houder van de naam.

 

Het is vanaf de erkenning als SPC ras nog steeds zo, dat je met de Nederlandse standaard in de hand maar moeilijk uit de voeten kunt. Bij de geshowde dieren is  de verscheidenheid in verschijningsvormen soms wel heel erg groot. Mogelijk omdat er nog steeds geen duidelijke Europese standaardtekening van het ras is. Het gehannes met allerlei foto`s en tekeningen heeft ons tot op heden niet geleidt naar een heel duidelijk als Belgische Tentoonstellingsreisduif herkenbaar duivenras.

De taal problemen tussen Vlamingen en Walen liggen hier ongetwijfeld aan ten grondslag. Nadat ons voormalig Lid Kees van Oeveren er in was geslaagd door middel van tekeningen, foto`s en een duidelijke vertalingen naar Nederlandse duiventaal er handen en voeten aan te geven, moest hij wegens gezondheidsredenen met de liefhebberij stoppen en werd het een tijdje heel erg stil rondom de BTTR, wat de ontwikkeling niet ten goede is gekomen.

 

Vandaag de dag kent de SPC slechts een paar fokkers van dit mooie ras, dat ook in Belgie nooit tot grote populariteit kwam. Daarmee komt de basis van een dergelijk ras op een wat drassige bodem te staan en kan wanneer we er niet goed op passen, voor korte of langere tijd van de radar verdwijnen.

Leden die dit lezen en zich over het lot van dit ras willen bekommeren kunnen via de SPC leden wellicht aan goede dieren komen.

 

Op de tekening en de foto zijn de verschillen heel erg duidelijk weergegeven,

De omschrijving in de standaard is duidelijk geent op de tekening, terwijl dieren zoals op de foto, op de tentoonstellingen ter keuring worden aangeboden.

 

Tekening van Jan de Jong uit 2008.  In opdracht van de SPC, n.a.v. het overlegtussen het  bestuur van de SPC met dhr. J.  Lauwers, van de Belgische standaardcommissie en fokker Cees van Oeveren in aanloop naar de rasbespreking op de Ras technische dag  21 juni 2008

 

Algemene indruk

Als rechtstreekse afstammeling van de wereldberoemde Belgische postduif is dit ras geselecteerd op schoonheid in verenpak, een rijke zachte bevedering, kopbelijning en kleur.

 

De Belgische Tentoonstellingsreisduif is een middelgrote duif, breed in borst met middelhoge beenstand. Een horizontale lichaamshouding waarbij de rug licht afhellend naar de staart verloopt.

 

Kop

Van alle kanten bezien goed gevuld, breed op schedel en gerond. Een regelmatig gebogen kopbelijning van de snavelpunt tot aan de nek zonder enige kneep of deuk.

 

Ogen

Goed omsloten, niet te groot, alle kleuren zijn toegelaten, mits van dezelfde kleur.

 

Oogranden

Fijn van weefsel en de kleur is in overeenstemming met de kleur van het gevederte en door veertjes bedekt.

 

Snavel  

Krachtig en breed aangezet, ongeveer 25 mm lang. Wit bij de witte, zwart tot bleek hoornkleurig bij de overige kleurslagen.

 

Neusdoppen

Fijn van weefsel en middelgroot, glad aanliggend.

 

Hals

Middellang, krachtig en glad.

 

Borst

Sterk ontwikkeld, goed gerond en aan beide zijden voorzien van sterke harde spieren. Borst en schouders vormen een breed ineengesloten geheel. Het borstbeen is lang, recht, sterk en licht oplopend naar de stuit.

 

Rug

Breed en licht aflopend goed gedekt.

 

Tenen

Sterk, recht, lang en goed op de bodem rustend.

 

Nagelkleur

In overeenstemming met de veerkleur.

 

Vleugels

Sterk, goed bevederd en de slagpennen moeten de rug goed afdekken. De punten van de slagpennen benaderen elkaar zo dicht mogelijk op de staart.

 

Staart

Middellang, goed gesloten en smal.

 

Loopbenen

 Middellang, krachtig, glad en karmijnrood. Doorgedrukt aan het hielgewricht, een stompe hoek vormend met de schenkel.

 

Bevedering

Glad aanliggend.

 

Kleurslagen

Blauw, zwart, dun, dominant rood en geel, roodzilver, geelzilver, blauw zilver, met en zonder banden, of gekrast. Alle schimmels, wit, donker en licht getijgerd in zwart en blauw. De stuit is steeds eenkleurig. De hals is goed glanzend.

 

Ernstige fouten

Platte schedel, lang e/o smal lichaam, teveel achterhoofd, te korte snavel, grove of te sterk ontwikkelde neusdoppen, gebroken ogen, twee verschillende oogkleuren, veerscheiding   tussen   de   neusdoppen  en  de  ogen,  rode  oogranden, te lange nek, platte of aflopende borst, slecht sluitende snavel, lichte stuitkleur, slechte rugafdekking, witte nagels behalve bij de witten, te lage of te hoge beenstand.

 

Kleurslagen

 

Eenkleurig

Wit-Zwart- en dun.

Dominant Rood, dominant geel.

 

Geband in

Blauw zwart-geband, Blauwzilver donker-geband- Roodzilver-geband en Geelzilver-geband.

Gekrast in

Blauw gekrast, Blauwzilver gekrast, Roodzilver gekrast,  Geelzilver gekrast.

Blauw schimmel. (bij schimmel verlangen we een voor postduiven acceptabele kleur met duidelijk zichtbare vleugelbanden.)

Bont in alle kleurslagen.

 

Volgorde van beoordeling

Algemeen voorkomen, type, stand, kopvorm, snavel, ogen en oogranden kleur en gevederte. Conditie.

 

Handbeoordeling

Voor een juiste beoordeling van dit ras en bij postduivenrassen in het algemeen, is een z.g. handbeoordeling onontbeerlijk om tot een evenwichtig oordeel omtrent de lichaamsbouw te komen.

 

 

Jos De Poel